Nieuwe collega


Zonder aankondiging begint mijn vriendin een videovergadering aan de eettafel. Nog net op tijd krijg ik er lucht van en kan uit beeld duiken. Ze neemt uitgebreid de tijd om haar collega’s te begroeten, daarna volgt een rondje microfoon- en cameratests. Na een kwartier lijken ze er klaar voor.

Ineens schalt er ‘kggttt prrtt pfffttttttt’ door de speaker. Ik schrik me het leplazarus. Het klinkt alsof er iemand live wordt gewurgd op de radio, terwijl de beul de microfoon afdekt om het hulpgeroep te smoren. ‘Corrie, kun jij je geluid even muten? Er komt veel herrie bij jou vandaan’, vraagt m'n vriendin op neutrale toon. Er volgt nog wat gepiep en gekraak. ‘Hallo?’, zegt een vrouwenstem tenslotte. ‘Daar ben ik. Ik liet m’n laptop vallen.’

Ik zet m’n koptelefoon op en ga terug naar mijn uitlegstuk. Waar was ik gebleven? Oh ja, bij het intro.

‘Ah daar is Hans, nu zijn we compleet!’, hoor ik mijn vriendin verheugd roepen. Ze begint steeds harder te praten en zwaait nu ook naar haar scherm. Plotseling vult onze kamer zich met vogelgeluiden. Onze ene kat springt op in opperste staat van paraatheid, de ander begint mee te zingen. ‘Hallo allemaal’, zegt een mannenstem vrolijk. ‘Sorry dat ik iets later ben. Hoe gaat het hier?’ Weer volgt een rondje begroetingen en apparatuur-tests. ‘Hee Hans, zo te horen zit je weer bij je Afrikaanse halsbandparkieten,’ zegt mijn vriendin. Er volgt wat gemompel, dat wordt overstemd door fluitende vogels. Iemand anders is net aan een ernstig relaas begonnen. Het klinkt alsof hij onder water zit.

Na een uur verslechtert de situatie in rap tempo. Mijn cursor knippert nog steeds bij het intro, de vogelgeluiden zijn gebleven, ik moet plassen én heb ontdekt dat mijn vriendin haar camera precies op onze badkamerdeur heeft gericht. Ik wil haar niet afleiden, ze heeft deze baan nog maar net en kan geen twee dingen tegelijk, maar op een figurantendebuut als de vriendin die naar de badkamer loopt zit ik ook niet te wachten. Even overweeg ik om te tijgeren. Volgens mijn timmermansoog valt de grond net buiten de reikwijdte van haar camera, maar dan herinner ik me de betrouwbaarheid van mijn timmermansoog. Te veel risico, besluit ik. Straks ga ik de boeken in als die kruipende kont, waarmee hun nieuwe collega samenwoont. Dan maar blaasontsteking.

Meer